Meditatie december 2016

dec_kerkblad_fig1Maar jij, Bethlehem Efrata, 
te gering om te zijn bij de duizenden van Juda, 
uit jou zal er één voor mij voortkomen 
om heerser te zijn in Israël;

(Micha 5: 1)

WAAR KOM JE WEG?

Waar kom je weg? Het is één van die Groningse zinnetjes die ik ongemerkt al overgenomen heb en wat tot verbaasde blikken leidt in het zuiden van het land. Het zal misschien komen omdat het een vraag is die me vaak gesteld wordt. Waar kom je weg dan? Als ik vervolgens vertel over Hoogblokland en Hardinxveld dan zijn dat voor sommigen bekende namen, voor anderen is er nog een toelichting nodig. Dorpen in de Alblasserwaard, tussen Rotterdam en Gorinchem. Vaak volgt er dan, zeker bij kerkelijke mensen, een opmerking in de trant van: Nou dan ben je er wel op achteruit gegaan, daar gaan er tenminste nog mensen naar de kerk. Het is inderdaad een zegen als er genoeg mensen zijn om het gemeenteleven vorm te geven, het jeugdwerk goed te organiseren en de vacatures in de kerkenraad makkelijk gevuld worden. Maar is het beter of slechter?

Iedere situatie heeft zijn eigen uitdagingen en ik hoorde van de week een citaat van een zendeling: God is geen God van de getallen! Voor Hem telt grootte, status of succes niet. Het gaat Hem om het hart! Als dat ergens zichtbaar is dan wel rond de geboorte van Jezus. Bijvoorbeeld in de adventstekst uit Micha 5: 1: “Maar jij, Bethlehem Efrata te gering om te zijn bij de duizenden van Juda.” Letterlijk staat er: je bent nog een jong dier, niet mee te tellen met het grootvee van Juda. Als we in melkveehouderij termen van nu zouden zeggen: Je bent nog maar een pink, je hoort nog niet bij de melkkoeien, je telt niet mee in de bedrijfsvoering. Je kunt niets voortbrengen, geen melk, geen kalf. Bethlehem is te klein, onvruchtbaar, ze is als een maagd die ook niet baren zal zolang ze maagd blijft. Dat maakt het des te verwonderlijker wat God zegt: uit jou, zal er één voor mij voortkomen om heerser te zijn in Israël. Eigenlijk onmogelijk, het kan niet, Bethlehem kan niet voortbrengen, te klein, en toch gebeurt het.

Ergens zit die gedachte dat het hier in het noorden toch wel niks wordt met de kerk diep geworteld, gezien het aantal keer dat ik de genoemde reactie krijg. Zeer onterecht, zeker na het lezen van deze tekst, de verlosser was nota bene in Bethlehem te vinden. Dat kon eigenlijk niet, ze telde niet eens mee, en toch zou Hij daar komen wist de profeet. Hij keek ernaar uit, want deze heerser zou zijn volk verlossen en vrede geven. In de Adventsperiode mogen we met deze profeet verwachtingsvol uitzien naar de komst van Christus in de wereld, en dat vieren met Kerst. Maar ook verwachtingsvol uitzien naar de komst van Christus in ons, in ons eigen leven, in de gemeente. Misschien verwachten we dat wel niet zo meer, omdat we klein zijn, niet meetellen. Totdat we bedenken dat in het kleine Bethlehem het onmogelijke gebeurde. Ze was te klein, te jong, nog onvruchtbaar en toch bracht ze de verlosser voort! Als dat waar is, en dat is het, dan kan God zijn zegen en vrede ook laten voortkomen uit Stedum, uit Lellens, uit Wittewierum of Ten Post, uit Stad of Ommeland, uit Nederland, of waar dan ook. Daarom is er hoop, verwachting. Daarom kan het ook in 2016 nog Advent zijn.

ds. G.W. van Wingerden